Fiets Mee projecten 2020:

onderstaande eenmalige machtiging hebben de inwoners van Zeeland ontvangen, uw donaties zijn altijd welkom.

Eenmalige machtiging

Beste inwoner van Zeeland

In september wordt wederom de Fiets-Mee georganiseerd door MOV Zeeland. De opbrengst van de Fiets Mee wordt gebruikt voor projecten over de gehele wereld voor de mensen die het minder goed hebben dan wij. Elk jaar worden een aantal projecten aangevraagd door diverse mensen die een binding met Zeeland hebben of hebben gehad. De projecten worden beoordeeld op millenniumdoelstellingen. Vanaf 1973 heeft MOV Zeeland in 5 werelddelen, 17 verschillende landen bijna 300 projecten ondersteund voor een bedrag van bijna
€ 500.000. Doordat Fiets Mee in Zeeland een begrip is en diverse mensen hebben aangegeven, dat men graag MOV Zeeland financieel steunt zonder zelf te hoeven fietsen en toch een donatie willen doen. Hiervoor is de eenmalige machtiging bedoeld, mensen die MOV Zeeland een warm hart toedragen en de projecten financieel willen ondersteunen.

Al het geld dat MOV Zeeland sponsort aan de geselecteerde projecten komt alleen dat project ten goede en er komen geen extra kosten bij voor medewerkers of directeuren of ….

De eenmalige machtiging kunt u inleveren in de bus van MOV Zeeland die in de Jumbo aanwezig of bij een van onze bestuursleden:

Kees Verhoeven Munnikhoef 8 Zeeland 

José Scholte Vogelwikke 4 Zeeland

en natuurlijk op de Fiets Mee dag op de start-/finishpost op Brand 32 te Zeeland van 10.30 uur tot 18.00 uur. Wij hopen dat velen van u de Fiets Mee zullen sponsoren en dat door de opbrengst van de Fiets Mee de projecten weer ondersteund kunnen worden.

Bedankt

Informatie bij de penningmeester:

p/a Kleine Graspeel 11a, 5411 RA Zeeland

Bankrekening nr NL09RABO0159516684 t.n.v. MOV Zeeland

Ondergetekende,

Naam en voorletters: …………………………………………….

Adres: …………………………………………….

Postcode en woonplaats:…………………………………………….

verleent hierbij aan het M.O.V. te Zeeland een machtiging om éénmalig een bedrag van: |__|__|__|,__|__|  af te schrijven van zijn / haar bankrekening met IBAN nummer  |__|__|__|__|__|__|__|__|__|__|__|__|__|__|__|__|__|__| t.b.v. sponsoring van de Fiets Mee.

Het bedrag wordt eind september van uw rekening afgeschreven.

Bij ondertekening vervalt het recht op terugboeking van deze betaling.

Datum: …………. Handtekening: ………………….

U kunt deze machtiging inleveren in de bus van MOV Zeeland die in de Jumbo aanwezig is of bij een van onze bestuursleden:
Kees Verhoeven Munnikhoef 8 Zeeland of José Scholte Vogelwikke 4 Zeeland

Beste mensen – bericht over FietsMee! met het MOV 2020

Zoals eerder gemeld hebben de MOV’s van Reek, Schaijk en Zeeland moeten besluiten dit jaar GEEN FietsMee! met het MOV te kunnen organiseren.

De risico’s m.b.t. het rondwarende corona-virus zijn voor alle deelnemers, alle vrijwilligers en alle werkgroepleden, die nagenoeg allemaal binnen de risicogroep vallen, nog te groot. 

Dit is natuurlijk wel een enorme teleurstelling voor de mensen achter de projecten die wij jaarlijks met onze FietsMee! met vele duizenden euro’s ondersteunen. Zij kunnen al vele jaren lang rekenen op een mooie bijdrage vanuit Reek, Schaijk of Zeeland. Dit jaar zal dat een heel moeilijke opgave worden omdat de actie FietsMEE! altijd zorgde voor een behoorlijke financiële aanvulling. 

Maar misschien kunnen we daar toch wel iets aan doen.

Zoals bij elke wereldwijde ramp, door wat of wie die ook wordt veroorzaakt zijn de armste mensen altijd degenen die het zwaarst getroffen worden. Juiste voor deze mensen komen de MOV’s altijd op. 

Het zijn met name de deelnemers aan de FietsMEE! die met hun inschrijfgeld en de consumpties op de pauzeplaatsen zorgen dat “de pot” wordt gevuld. Uiteraard zijn het daarnaast ook de sponsoren die ervoor zorgen dat er inderdaad geld in het laatje komt. 

Misschien willen jullie het geld dat nu niet wordt uitgegeven op de drie zondagen dat er zou worden gefietst toch schenken aan een van de drie MOV’s t.b.v. de projecten die zij ondersteunen.     

Het gaat om de volgende projecten:

MOV Reek steunt:

Stg Hulp Oost-Europa – schoolproject; Stg Medingha – kinderhuis Allemachen Ethiopië; Stg Ontmoet Kentzou, Kameroen – inrichting van een school; Stg Puur foundation, Ghana – Opleiding van lokale mensen voor verschillende taken binnen de verloskunde, o.a. voorlichting en nazorg. En versturen van hier verzamelde kraampakketten naar Ghana.

Het banknr MOV Reek is: NL08RABO 0143206540 t.n.v. Stg MOV Schaijk-Reek ovv FietsMee!

MOV Schaijk ondersteunt jaarlijks de activiteiten van stichting EOF Ghana, stichting Hulp Oost-Europa, stichting Pater Vos India en stichting Minderbedeelden Roemenië. 

Het banknr MOV Schaijk is: NL30RABO0146394534 t.n.v. Stg MOV Schaijk-Reek ovv FietsMee!

MOV Zeeland heeft gekozen voor 3 projecten:

  1. Paul Steverink project land Cameroon – Scholing en opleiding tbv bijenteelt en honingverwerking voor armoedebestrijding en natuurbehoud in Santa Sub-Division Cameroon.
  2. Angelique van Zeeland projectland Brazilië – het garanderen van toegang tot water (bescherming waterbronnen) en voedselzekerheid voor Afro-Braziliaanse gemeenschappen.
  3. HoPe projectland Peru – programma ter ondersteuning van de voedselzekerheid in de huidige coronacrisis.  Het programma voorziet in technische begeleiding en ondersteuning, zaaigoed en organische mest.

Het banknr MOV Zeeland is: NL09RABO0159516684 t.n.v. St Petrusparochie inzake MOV ZEELAND

Wij zijn jullie op voorhand zeer erkentelijk en dankbaar voor iedere bijdrage. 

De data voor 2021 zijn inmiddels ook bekend. Op zondag 5 september 2021 wordt er gefietst in Zeeland, op zondag 12 september in Reek en op zondag 19 september in Schaijk. 

De organisaties van FietsMee! wensen iedereen veel gezondheid toe, ondanks alles nog een mooie nazomer en hopelijk mogen we ook in 2021 en de jaren daaropvolgend weer rekenen op ieders belangstelling en medewerking.

Met vriendelijke groet:    Anja Derks    –    Rinus van den Heuvel    –    Kees Verhoeven

Stichting HoPe Holanda Peru 

Projectvoorstel: Programma ter ondersteuning van de voedselzekerheid in de huidige coronacrisis 

De coronacrisis is in Peru erg hard aangekomen. Op 6 maart werd in Peru de eerste patiënt positief getest op het COVID-19 virus. Op 14 maart riep de regering de noodtoestand uit en op 16 maart ging het land hermetisch op slot. De grenzen gingen dicht voor uitgaand en binnenkomend verkeer en ook binnen Peru mocht er niet meer gereisd worden. Duizenden toeristen zaten vast en slecht met veel pijn en moeite hebben de verschillende landen hun mensen uit Peru terug naar huis kunnen krijgen. 

De maatregelen waren drastisch maar noodzakelijk omdat Peru absoluut niet voorbereid was op een pandemie, in heel Peru waren op dat moment bij voorbeeld maar 100 ic-bedden voor een bevolking van 32 miljoen inwoners. Als bevolking kregen we te maken met een strikte quarantaine, binnen blijven is verplicht en we mogen alleen de deur uit voor dagelijkse boodschappen, bank of apotheek. 

Winkels en bedrijven werden van de een op de andere dag gesloten. De economie ligt sinds 16 maart geheel stil. Cusco als stad en regio leeft van het toerisme. Ook het toerisme werd geheel stil gelegd. Tienduizenden mensen verloren hun baan en kwamen zonder inkomsten te zitten. De overheid ondersteunde een groot aantal families met een eenmalige uitkering van bijna 200 euro, een bedrag waar een gezin van vier personen een maand van kan rondkomen. De quarantaine duurt nu echter al tweeëneenhalve maand en onlangs heeft de regering aangegeven dat deze verlengd wordt tot 30 juni. Het aantal besmettingen stijgt nog altijd sterk en de ziekenhuizen in de grootste steden kunnen het aantal patiënten niet meer aan, in Lima worden mensen buiten op straat behandeld. Vandaag, 2 juni, staat de teller op 170.000 besmettingen en 4.600 doden. 

Scholen zijn gesloten en de kans bestaat dat zij de rest van dit jaar niet meer open gaan. Het toeristenjaar is verloren. Als het al weer een beetje op gang gaat komen dan zal dat zeker niet voor april – mei volgend jaar zijn. Misschien zelfs dan niet. Voorlopig zitten duizenden gezinnen zonder inkomsten en dat geldt ook voor de mensen in de inheemse bergdorpen waar HoPe haar onderwijsprogramma’s uitvoert. Heel veel mannen uit de dorpen werken als drager, gids of kok in de toeristenindustrie. 

HoPe is in de bergdorpen gestart met een programma ter ondersteuning van het zelf verbouwen van groentes. De infrastructuur is er, op ‘onze’ scholen hebben we groentekassen waar we in de afgelopen jaren met de leerlingen groentes verbouwd hebben. De school in Patacancha heeft vier grote kassen. HoPe heeft Estefanía Laucata, ex-leerling van onze middelbare school in Patacancha aangesteld met opdracht de kassen optimaal in gebruiken te nemen. Patacancha ligt op 4.000 meter hoogte en vanwege het klimaat groeien er alleen aardappelen op de berghellingen rondom het dorp. De bevolking heeft zelf gevraagd om groentekassen zodat zij kunnen leren 

Stichting HoPe Cusco Peru – Projectvoorstel Missie Ontwikkeling Vrede Zeeland 2020 1 

groentes te verbouwen. Estefanía heeft na het beëindigen van de middelbare school studieondersteuning van HoPe gekregen en is in 2014 afgestudeerd als landbouwdeskundige. Estefanía is op 1 juni begonnen en wordt bijgestaan door twee andere ex-leerlingen van de school. Medewerkers van Stichting HoPe kunnen vanwege de quarantaine de bergdorpen niet bezoeken, Estefanía en de andere ex-leerlingen komen echter uit de streek zelf en kunnen daar wel aan het werk. 

Het doel van het programma is zo veel mogelijk groentes te verbouwen. Mochten de scholen in de loop van het jaar toch weer open gaan, dan worden de groentes gebruikt voor het voedselprogramma voor de leerlingen van de school1. Wanneer de scholen dicht blijven zullen we de groentes voor een schappelijke prijs verkopen aan de lokale bevolking. 

Titel van het project: Bijenteelt en honingverwerking voor armoedebestrijding en natuurbehoud in Santa Kameroen

Inleiding
 De Santa Sub divisie maakt deel uit van de economisch gemarginaliseerde Noordwestelijke regio van Engelstalig Kameroen. Hier zijn de mensen, vooral de vrouwen en jongeren, voor hun levensonderhoud voornamelijk afhankelijk van de teelt van groenten en andere voedselgewassen op bestaansniveau. Maar het probleem met het verbouwen van slechts een bepaald soort gewassen op hetzelfde stuk landbouwgrond betekent dat het land snel uitgeput raakt van bepaalde voedingsstoffen die de planten nodig hebben voor hun optimale groei en overleving. Dit heeft in de loop der jaren geleid tot een ernstige daling van de opbrengsten, omdat het land overmatig wordt gebruikt, wat voor deze vrouwen leidt tot een lager inkomen uit groenten.
 Bij gebrek aan een geschikte alternatieve bron van inkomsten vinden de boeren het moeilijk om de kosten voor onderwijs of gezondheidszorg van hun kinderen te dragen, wat het risico met zich meebrengt dat jongeren kwetsbaar worden voor delinquenties, handel en migratie.
Sinds 2004 werkt de Sophea Heritage Foundation (www.sohefo.org), een lokale NGO, samen met de vrouwen en jeugdgroepen in deze regio om hun levensstandaard te verbeteren door behoeften te identificeren en te trainen in duurzame winstgevende activiteiten.
Sophea Heritage Foundation is een niet-gouvernementele, non-profit, apolitieke organisatie die zowel in Nederland bij de Kamer van Koophandel als in Kameroen is geregistreerd bij het Ministerie van Sociale Zaken.
Opportunity
   In de afgelopen jaren heeft de waargenomen gezondheids- en voedingswaardevoordelen van honing als substituut voor suiker en andere zoetstoffen bij het voorkomen van een hoge bloedsuikerspiegel, het stimuleren van het immuunsysteem en het verbeteren van de levenskwaliteit een sterke toename van de consumptie van honing in Kameroen en in de hele wereld laten zien. Dit heeft geleid tot een toegenomen vraag naar honing als een geschikte vervanger voor suiker.  Bovendien is de toegenomen kennis over de geneeskrachtige eigenschappen van honing die wordt geoogst van bijen die zich voeden met bepaalde nectar van specifieke planten, bepalend voor het gebruik van de honing als bijproduct van geneesmiddelen.  Deze toename van de vraag heeft ook de prijzen voor honing doen stijgen en heeft de plaatselijke landbouwers die vroeger in het wild honing hadden geoogst, ertoe aangezet om te proberen bijenkasten te installeren en hun bijenstal uit te breiden om zo hun inkomen te verbeteren. Naast de verhoging van het gezinsinkomen uit de verkoop van honing, zal het teveel aan honing ook worden geconsumeerd door de boeren en hun gezinnen in plaats van suiker, waardoor hun voedings- en gezondheidstoestand wordt verbeterd. Bovendien wordt de bijenteelt beschouwd als een manier om het milieu in stand te houden door (i) de reeds te veel gebruikte landbouwgrond te ontlasten en de verloren gegane vruchtbaarheid als gevolg van de overproductie terug te winnen, (ii) de opbrengst van de gewassen te verbeteren door kruisbestuiving van de bijen. Daarom heeft dit project, wanneer het wordt gerealiseerd, zowel directe als indirecte multipliereffecten van het verlichten van de armoede, het verbeteren van de voedings- en gezondheidstoestand van de gemeenschap en ook het behoud van het milieu. Het feit dat bekend is dat honing gemengd met citroen en gember therapeutische effecten heeft op het stimuleren van het menselijk immuunsysteem, betekent dat de gevoeligheid van de gemeenschap voor opportunistische infecties van bacteriën en virussen zal afnemen en hun levenskwaliteit zal verbeteren, waardoor de kosten van de gezondheidszorg die zouden worden besteed aan medicijnen en frequente ziekenhuisbezoeken zullen worden gecompenseerd.
Ondanks al deze voordelen is het grootste probleem voor deze lokale boeren het gebrek aan kennis en knowhow op het gebied van de bijenteelt en een doeltreffende honingverwerkingsmethode om de honing een meerwaarde te geven en extra inkomsten te genereren.
Onlangs heeft een lid van de Landbouwgemeenschap die een aanzienlijke opleiding in de bijenteelt heeft genoten, getracht meer plaatselijke bijentelers op te leiden en te stimuleren om kwaliteitshoning te produceren en te leveren aan een nieuw opgerichte honingverwerkingsfabriek. Helaas ontbreekt het hen aan de nodige financiële middelen om een succesvolle opleiding, moderne bijenkastenproductie en validatie van succesvolle bijenkasten te organiseren.
Sinds maart 2020, toen via de communautaire radio werd aangekondigd dat slechts 10 boeren voor de eerste opleidingsfase zouden worden gerekruteerd, kwamen meer dan 92 boeren, verspreid over 9 dorpen, van Common Initiative Groups (CIG) opdagen die hun belangstelling voor de opleiding toonden. Begin augustus 2020 begint de SHF met de opleiding voor 50 bijenhouders. Deze training zal vervolgens herhaald worden om veel meer geïnteresseerde boeren de kans te geven de vaardigheden te verwerven en hen zo de kans te geven hun gezinsinkomen te verhogen.
Doel
Het doel van het project is om bij te dragen aan de armoedebestrijding, de verbetering van de gezondheid en de milieubeschermingscampagne door 50 gemarginaliseerde boeren in de bijenteelt op te leiden binnen een periode van 1 maand.
Opleidingsonderdelen
De opleiding duurt 6 dagen, gespreid over een periode van maanden vanaf augustus 2020, met inbegrip van een bezoek aan de Trail & Demonstration sites van de bijenteelt.
Het doel van de opleiding is het hele proces van de bijenteelt te bestrijken, vanaf het opzetten van de bijenkasten tot de oogst en de levering van de kwaliteitshoning, en omvat de volgende opleidingsonderdelen:
– Bouw van bijenkasten
– Bijenkorfinstallatie
– Beheer van de bijenkorf voor een betere productiviteit
– Aanplanting voor bijen
– Oogst en verpakking
– Extractie, testen en bottelen
Aan het einde van de opleiding worden de boeren die de vaardigheden hebben verworven en beginnen met de productie van champignons, aangemoedigd en geholpen om een kleine coöperatie op te richten en te exploiteren van waaruit zij de marktprijzen van hun honing kunnen beïnvloeden.
Dit project heeft een enorm potentieel om de armoede te verlichten, de kwaliteit van de gezondheid te verbeteren en het milieu in stand te houden, aangezien de vraag naar kwaliteitshoning alleen maar zal blijven toenemen naarmate de gepercipieerde voedings- en gezondheidsvoordelen ervan worden ervaren.
PROJECT
WATER EN VOEDSELZEKERHEID VOOR AFROBRAZILIAANSE GEMEENSCHAPPEN
AGUÁ E SEGURANÇA ALIMENTAR PARA COMUNIDADES KILOMBOLAS
SAMENVATTING
Dit project is gericht op het garanderen van toegang tot water en voedselzekerheid voor twee afrobraziliaanse kilombo gemeenschappen in de pampa regio. De pampa regio is in het zuiden van de Brazilië, in de staat Rio Grande do Sul, aan de grens met Uruguay en Argentinië.
Dit project zal bijdragen aan het garanderen van voedselzekerheid en toegang tot water. De bewoners van de quilombola-gemeenschappen leven in situatie van ongelijkheid, schending van hun rechten en behoren tot de meest kwetsbare groep met betrekking tot voedselonzekerheid.
Het project voorziet in het beschermen van de waterbron en aankoop en aanplant van fruitbomen in de kilombo-gemeenschap Rincão da Chirca in Rosário do Sul.  In deze gemeenschap wonen 7 families, in totaal 45 vrouwen, mannen en kinderen. Eveneens voorziet het project in de aankoop en aanplant van medicinale planten en aankoop en houden van scharrelkippen, voor vlees- en eierproductie in de kilombo-gemeenschap Rincão dos Fernandes in Uruguaiana. In deze gemeenschap wonen 8 families, in totaal 35 vrouwen, mannen en kinderen. Dit project zal 15 families ondersteunen, in totaal 80 vrouwen, mannen en kinderen van twee afrobraziliaanse gemeenschappen in de pampa-regio in het zuiden van Brazilië.
Dit project draagt bij aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (Sustainable Development Goals – SDG), van de Verenigde Naties. Het project draagt met name bij aan Doel 1: Beëindig armoede overal en in al haar vormen; Doel 2: Beëindig honger, bereik voedselzekerheid en verbeter de voeding en promoot duurzame landbouw; Doel 6: Verzeker toegang en duurzaam beheer van water en sanitatie voor idereen.
ORGANISATIE
De Fundação Luterana de Diaconia – FLD – Lutherse Stichting van Diaconie is opgericht in 2000. De FLD werkt met sociaal kwetsbare groepen en verarmde gemeenschappen, zonder discriminatie van etniciteit, geslacht, politieke overtuiging of religieuze overtuiging. De FLD heeft vijf werkterreinen: economische rechtvaardigheid, sociale en ecologische rechtvaardigheid, mensenrechten, diaconie en humanitaire hulp. Via het programma van kleine projecten worden projecten van sociale bewegingen en organisaties ondersteunt in Brazilië. De FLD realiseert verschillende projecten zoals projecten met papier-ophalers en recyclers, projecten met kleine ecologische boeren, projecten met afrobraziliaanse, kilombola en indianen gemeenschappen, en het netwerk van fair trade en solidaire economie.
De FLD is lid van de ACT Alliance een internationaal netwerk van organisaties op het gebied van ontwikkeling, noodhulp en advocacy. De FLD is eveneens lid van de Mensenrechtenraad van de Staat Rio Grande do Sul. Eveneens is de FLD lid van het Braziliaanse forum voor klimaatverandering en sociale rechtvaardigheid, Braziliaanse forum van Solidaire Economie en Forum van Solidaire Economie van de Staat Rio Grande do Sul.
SOCIALE, ECONOMISCHE EN CULTURELE SITUATIE VAN DE AFROBRZILIAANSE KILOMBOLA GEMEENSCHAPPEN IN DE PAMPA REGIO IN RIO GRANDE DO SUL IN HET ZUIDEN VAN BRAZILIË
De Kilombola gemeenschappen zijn opgekomen tijdens de slaventijd, die in Brazilië 300 jaar geduurd heeft. De kilombola gemeenschappen werden opgezet door gevluchte slaven die in vrijheid een bestaan probeerde op te bouwen. In de meeste gevallen in ontoegankelijke gebieden, in de heuvels en op hellingen, ver weg van de steden en dorpen.  Pas in 1888 werd de slavernij afgeschaft in Brazilië. De kilombola gemeenschappen zijn een verzet-strategie, die voortduurde  na de slaventijd. Gedurende 100 jaar zijn de kilombola gemeenschappen genegeerd door de Staat en waren ze onzichtbaar voor de maatschappij. Pas in 1988, met de nieuwe grondwet, werd het recht van de kilombola-gemeenschappen op hun land erkend . Maar in slechts 6% van de kilombola-gemeenschappen zijn de landrechten erkend. De “kilombolas” – bewoners van de kilombola-gemeenschappen – leven in situatie van socio-economische ongelijkheid en schending van hun rechten en behoren tot de meest kwetsbare groepen met betrekking tot voedselonzekerheid .
In het zuiden van de staat Rio Grande do Sul in Brazilië, wonen in totaal 32.160 kleine familie landbouwers. Hiervan zijn er 3.615 families, die voorheen landloze boeren waren en nu hun eigen stukje land hebben via de landhervormingen en 43 gemeenschappen met in totaal 5000 afrobrazilianen, afstammelingen van de slaven, “kilombolas”.
De kilombo Rincão da Chirca bevindt zich in het milieu-gebied van de rivier Ubirapuitã in de gemeente Rosário do Sul. In deze gemeenschap wonen 7 families, in totaal 45 vrouwen, mannen en kinderen. In de gemeenschap worden schapen gehouden en vee, voor voedsel voor de gemeenschap en verkoop van de producten, waaronder wol-handwerk in de omgeving. In periodes van droogte heeft de gemeenschap bijna geen toegang tot water. Er is een dringende noodzaak com de bron “Cacimba” te beschermen. Deze bron voorziet de gemeenschap van water.
De kilombo Rincão dos Fernandes ligt in het rurale gebied van de gemeente Uruguaiana, aan de grens met Argentinië. In deze gemeenschap wonen 8 families, in totaal 35 vrouwen, mannen en kinderen. De gemeenschap realiseert produtieve activiteiten voor hun voedselvoorziening en levensonderhoud, zoals verbouw van fruit en groenten, op een ecologische manier. Deze activiteiten zijn belangrijk voor de voedselzekerheid van de gemeenschap. De gemeenschap realiseert ook het behoud van natuurlijke waterbronnen, die belangrijk zijn voor de verbouw van groenten en fruit en voor drinkwater voor de gemeenschap, evenals voor het behoud en herstel van de biodiversiteit. In de stad Uruguaiana wonen meer dan 100.000 mensen, er is vraag naar producten van biologische landbouw. De families verkopen hun producten in Uruguaiana en verdienen zo een inkomen waarmee ze in hun levensonderhoud kunnen voozien.
Leiders en leidsters van beide gemeenschappen nemen deel aan het Comité van inheemse en traditionele volkeren van de Pampa. Dit comité komt op voor de rechten van inheemse volkeren en kilombo gemeenschappen.
DOELGROEP
Doelgroep: 15 families, 80 vrouwen, mannen en kinderen.
Gemeenschappen:
• Afro-braziliaanse kilombola gemeenschap Rincão da Chirca in gemeente Rosário do Sul.
• Afro-braziliaanse kilombola gemeenschap Rincão dos Fernandes in de gemeente Uruguaiana.
PERIODE
Het project duurt van december 2020 tot december 2021.
DOEL
Verbeteren van toegang tot water en voedselzekerheid van twee afrobraziliaanse kilombola gemeenschappen in de pampa regio, door het beschermen van een waterbron, aankoop en aanplant van fruitbomen en medicinale planten en aankoop en houden van scharrelkippen, voor vlees- en eierproductie.
Het beschermen van de waterbron en aankoop en aanplant van fruitbomen in de kilombo-gemeenschap Rincão da Chirca in Rosário do Sul zal begeleidt worden door de landbouwtechnicus van de FLD.
De aankoop en aanplant van medicinale planten en aankoop en houden van scharrelkippen, voor vlees- en eierproductie in de kilombo-gemeenschap Rincão dos Fernandes in Uruguaiana zal eveneens begeleidt worden door de landbouwtechnicus van de FLD. De producten zullen verkocht worden inde stad Uruguaiana, met meer dan 100.000 inwoners, waar vraag is naar producten van biologische landbouw. Het project zal door middel van biologische landbouwpraktijken, een betere infrastructuur van de kippenhokken mogelijk maken en eveneens schermen maken, zodat de kippen kunnen grazen. Ook zal door het project nieuwe hennen gekocht worden.
De landbouwtechnicus zal trainingen verzorgen voor de kilombola-gemeenschappen.
Dit project zal bijdragen aan het garanderen van voedselzekerheid en toegang tot water. De bewoners van de quilombola-gemeenschappen leven in situatie van ongelijkheid, schending van hun rechten en behoren tot de meest kwetsbare groep met betrekking tot voedselonzekerheid.
Het beschermen van de waterbron zal bijdragen aan toegang tot schoon drinkwater en zo ziektes verminderen, met name onder kinderen, en zal bijdragen aan de irrigatie van de fruitbomen.
De aankoop en aanplant van fruitbomen, medicinale planten en aankoop en houden van scharrelkippen zullen bijdrage aan de voedselzekerheid van de families, en eveens bijdragen aan het inkomen van de kilombola-gemeenschappen, door de verkoop van de producten in de steden.